De eerste elf dagen van CampNaNoWriMo juli 2020

11 juli 2020

Versie 4 van Interplanetair deel 1 – Ruimtestad is geschreven

Het eerste doel voor mijn CampNaNoWriMo project van juli 2020 is bereikt.

Het manuscript voor het eerste deel van trilogie Interplanetair, Ruimtestad, is helemaal geredigeerd. Op 7 juli kwam ik voorbij de 50.000 woorden, het doel dat ik had ingesteld voor deze CampNaNoWriMo. Ik was na zeven dagen al een winnaar. Maar ik ben gewoon doorgegaan, net zolang totdat ik alle vijfentwintig hoofdstukken had geredigeerd. Het verhaal klopt nu helemaal volgens mij, het is geschikt voor de redactie. Ik kreeg het vandaag af, op 11 juli 2020.

In totaal heb ik nu 930.090 woorden geschreven gedurende zes jaren NaNoWriMo en CampNaNoWriMo, sinds oktober 2014. Ik vind het nog steeds een goed idee om mee te doen. Tijdens deze maanden bouw ik mijn routine op om elke dag te schrijven.

Vanaf morgen ga ik werken aan twee nieuwe, korte verhalen. Dat zal niet zo snel gaan als het redigeren van een roman die al geschreven is. Maar dat maakt niet uit. Ik heb nog twintig dagen, dus tien dagen per verhaal. Het moet me dus haast wel gaan lukken om twee verhalen te schrijven voor de Harland Awards van 2020. Ik heb nog steeds geen goed idee, dus dat ga ik eerst verzinnen. Het zal meer experimenteren zijn, maar voor de afwisseling is dat juist wel weer eens leuk.

Ik laat jullie in een volgend bericht weten hoe het gaat en of het is gelukt.

 

Groeten van Johanna Lime.

De eerste vijf dagen van CampNaNoWriMo juli 2020

5 juli 2020

Voortgang – Versie 4 van Interplanetair deel 1 – Ruimtestad

Voor mijn CampNaNoWriMo project van juli 2020 heb ik twee verschillende doelen.

Het eerste doel is het herschrijven, redigeren en controleren van mijn nieuwste manuscript. Dit wordt mijn volgende roman. Het eerste deel van Interplanetair, dat ik de titel Ruimtestad wil geven. Op 19 juni had ik het hele verhaal voor deze Fantasy-Scifi-roman uitgeschreven. Nu moeten alleen de puntjes op de i nog worden gezet.

In de eerste vijf dagen van CampNaNoWriMo heb ik hoofdstuk 1 t/m 10 alweer doorgewerkt. Ik ben bij de 40.719 woorden aangekomen. Het gaat heerlijk vlot. Toch moet er hier en daar nog wel iets worden aangepast. Over het algemeen ben ik best al tevreden met hoe het verhaal er staat. Alleen nog even controleren of ik het echt logisch heb opgeschreven, of de verwachtingen goed worden gewekt en ingelost en of het plot goed uit de verf komt.

Wanneer ik zo verder ga, raak ik in juli de 100.000 woorden misschien wel aan. Dan heb ik dus het dubbele van de 50.000 woorden voor dit zomerkamp.

Ik denk dat ik dan aan het eind van de tweede week of aan het begin van week 3 van juli 2020 mijn eerste doel gehaald kan hebben.

Dan heb ik nog zo’n anderhalve week voor het tweede doel. Dat is het schrijven van twee nieuwe, korte verhalen voor de Harland Awards. Ik vermoed dat het schrijven daarvan heel wat langzamer zal gaan. In ieder geval heb ik er op het moment nog niet de juiste inspiratie voor gevonden. Ik heb alleen een vaag idee over wie het zou moeten gaan.

Gelukkig haal ik CampNaNoWriMo al met gemak met mijn roman en kan ik over het schrijven van de verhalen voor de Harland Awards nog iets langer doen. Zolang ik maar elke dag bezig blijf met schrijven, komt het wel goed.

 

De laatste nieuwtjes van Johanna Lime.

Wist u dat er alweer een aantal mooie nieuwe recensies op mijn boekenwebsite bijgekomen zijn? Kijk even op https://boekenvanjohannalime.com, bij recensies voor Schamel verbond.

Er komen twee korte verhalen van mij in het HSF tijdschrift van de NCSF, één in juli en één in december 2020. Het eerste verhaal komt er al heel snel aan!
Geweldig leuk dat een verhaal van mij ook eens in een tijdschrift verschijnt.

Helaas gaat de HSFCon van 14 en 15 november 2020 in Nunspeet vanwege covid-19 niet door. Er kan niet voldoende afstand van elkaar gehouden worden, er kunnen te weinig mensen komen en de reclamecampagne vooraf is in het water gevallen door de lockdown. Hopelijk kan hij in 2021 wel georganiseerd worden en dan ben ik graag van de partij! Ik had drie lezingen in de planning en die wil ik natuurlijk graag geven, bovendien lijkt het me leuk om veel mensen te ontmoeten die van Science Fiction houden, zoals ik.

De twee verhalen die ik herschreven had en opgestuurd naar Edge Zero zijn niet door ronde 1 gekomen. Helaas, pindakaas. Ik denk dat ik ze dan maar weer als e-book uit zal geven, want verstoffen op de harde schijf van mijn computer is ook zo zielig.

Wisten jullie dat de eerste twee delen van de Randsteden serie (Carrière maken en Onnatuurlijk), het geïllustreerde scheppingsverhaal ‘De wording van Chyndyro’ en het geïllustreerde verhaal ‘Equilibrium op Mundus’ in de maand juli van 2020 gratis te downloaden zijn van mijn Smashwords pagina? En dat sommige andere verhalen met 50% korting te koop zijn? Nu is je kans om goedkoop aan die e-books te komen!

Ik ben schrijver van de maand juli bij Tazzy Jenninga. Er komen vier blogs van mij op haar website te staan. Volg ze daar of hier onder het kopje Berichten.

In 2020 is trilogie De vergeten vloek compleet te koop. Op artbooksshop.com kun je de hele trilogie met korting kopen.

https://www.artbooksshop.com/search/?search=Johanna+Lime

De twaalfde Saturnusmaan is via mij te koop of via de website van uitgeverij aquaZZ.

https://www.aquazz.com/De-twaalfde-Saturnusmaan-%7C-Johanna-Lime

De Zilverbron boeken van Johanna Lime zijn via artbooksshop.com te koop of gesigneerd bij mij. Koop je bij mij dan krijg je er een mooie boekenlegger bij met de kaarten uit de verhalen.

Sinds kort is Schimmenschuw als e-book uitgegeven

Wil je nog een leuk verhaal lezen (vanaf 10 jaar), download dan ‘Hoe een oger uit Geoglurk de aardmannen hielp van Smashwords. Je bepaalt zelf de prijs. Gratis mag ook.

Kijk op 30 juli naar Acties op de boekenwebsite. Daar is een boek te winnen, tot 6 augustus.

Ik hoor heel graag wat je van mijn romans en korte verhalen vond. Wil je dat a.u.b. laten weten als je iets van mij gelezen hebt? Alvast bedankt.

Groeten van Johanna Lime.

Het struikelblok

6 juni 2020

Het struikelblok

Zoals jullie inmiddels waarschijnlijk wel weten, wanneer je mijn blogs volgt, is dat ik mijn romans plot in Excel. Ik ben eerder een planner dat een organische schrijver. Toch betekent dat niet dat ik het verhaal in een keer helemaal goed opschrijf. Het gebeurt telkens weer dat er tijdens het schrijven van alles aan het verhaal verandert. Een schema is nog geen garantie voor een vaste plaats waar scènes precies in zullen vallen. Er schuift van alles heen en weer tijdens het schrijfproces en scènes die begonnen met een vaag idee worden steeds duidelijker en gedetailleerder door de tijd.

Pasgeleden stokte mijn tweede versie van Interplanetair deel 1, het nieuwe verhaal waar ik nu aan bezig ben, in hoofdstuk 17. Ik kwam tot de conclusie dat ik op de verkeerde planeet was geland, bij een volk dat eigenlijk nauwelijks iets met het conflict te maken had. Daarom heb ik dat eruit gehaald en ben ik opnieuw begonnen. Ik heb een versie 3 gemaakt en heb alle hoofdstukken opnieuw doorgenomen vanaf hoofdstuk 1 tot aan hoofdstuk 17. Best handig want het is direct geredigeerd. Pas toen ik dat gedaan had en ik het verhaal zag opknappen, ben ik doorgegaan met de volgende hoofdstukken.

Ik kan het niet, eerst het hele verhaal neerzetten en daarna pas gaan redigeren. Niet als mijn intuïtie of de logica van de gebeurtenissen me vertelt dat ik verkeerd bezig ben. Eerst moeten de ‘fouten’ er uit zijn, voordat ik verder kan komen. Het wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe moet kloppen in het verhaal. Als dat niet goed is, stuit ik tegen een struikelblok aan en kom ik geen steek verder.

Het is nu al voor de tweede keer dat ik dit ervaar. Bij Schamel verbond had ik ook zo’n moment, ongeveer in het midden van het verhaal. Ik zat vast en kon pas weer verder toen ik me realiseerde wat de oplossing van een groot probleem moest zijn. De Avatars! Hoe kon het dat ik die vergeten was? Het hele verhaal draait immers om Hen!

Nu heb ik alweer zo’n struikelblok moeten overwinnen. Nadat hoofdstuk 17 zich op een andere plaats afspeelde, kon ik pas weer verder met de hoofdstukken erna. Vervolgens kwamen er nog twee hoofdstukken die ook weer erg lastig waren. Maar dat kwam doordat het ene hoofdstuk vanuit het eerste personage geschreven was en het volgende vanuit het tweede personage. Die twee hoofdstukken zijn intussen ook wel weer geschreven. Ze zijn echter wel een heel stuk korter geworden dan te doen gebruikelijk. Hoe dat komt? Ik denk doordat het om vechtscènes gaat, met korte zinnen en veel spanning. Ik plaats ze niet in één hoofdstuk, want dat zou verwarrend zijn. Het wie en waar is per hoofdstuk verschillend. Pas nadat ik die twee actievere hoofdstukken ook geschreven had, kwam het oude vertrouwde gevoel weer terug en wist ik hoe ik verder moest. Het ging weer stromen.

Zoals ik in mijn vorige blog schreef, kijk ik tegenwoordig af en toe naar YouTube filmpjes om te zien hoe andere schrijvers het aanpakken. Ik zag en hoorde dat Jerry Jenkins ook vaak tegen een struikelblok aanloopt, ergens midden tussen het begin en het eind van het verhaal. Ik ben dus niet alleen, een schrijver die al meer dan 190 boeken heeft geschreven, kan hier ook nog last mee hebben.

De enige manier om zoiets te overwinnen, is je vasthouden aan de passie voor je project. Bij het struikelblok moet het niet fout gaan, daar mag het schrijfproces niet stoppen. Dit punt moet dramatisch zijn en spannend, de beloftes aan de lezer moeten doorgang vinden en worden ingelost. Nu ik over dit punt heen ben, gaat het schrijven ineens weer een heel stuk gemakkelijker.

Nog vijf hoofdstukken, misschien zes, dan is mijn verhaal geschreven. Ik heb er vertrouwen in dat alles goed komt. Langzaam begint zich alweer een plan te vormen voor deel 2. Ik heb zelfs met Shutterstock afbeeldingen de voorstellen voor de kaften al gemaakt. Een nieuw project voor CampNaNoWriMo van juli 2020 zit in het verschiet.

Een professionele schrijver is een amateur die niet is gestopt.

Nee, er nu mee stoppen? Dat ben ik niet van plan. Ik moet de passie vasthouden en verder gaan met dit verhaal.

Groeten van Johanna Lime

Koude koffie

30 mei 2020

Koffie hoort bij schrijven

Dat schrijvers niet zonder koffie kunnen is, als ik het zo bekijk in berichtjes en afbeeldingen op het internet, een bekend feit. Ik moet toegeven dat koffie mij goed helpt om ’s morgens op te starten en dat het helpt om mij te concentreren en helder te blijven denken.

Of toch niet?

Ik vond onderstaande tekening (of ongeveer zoiets) op Pinterest, waar een uitleg met verzamelingen op te zien is. Schrijven is dus eigenlijk ook een soort van wiskunde, als je het goed beschouwt. Want hieruit blijkt:

  1. Je hebt als schrijver een goed verhaalidee nodig, je moet weten wanneer je het manuscript in moet leveren bij je uitgever én je hebt koffie nodig!
  2. Alleen een verhaalidee en koffie zorgen voor een briljant plot, maar zet je niet aan tot schrijven. Dus dan krijg je nog geen manuscript af om in te leveren.
  3. Alleen een goed verhaalidee en een uiterste inleverdatum voor je manuscript laat je nachtenlang doorzwoegen om op tijd af te krijgen, maar het manuscript blijft vol spelfouten zitten.
  4. Alleen een uiterste datum en koffie laten je weken zoeken naar de namen voor je personages, maar je krijgt nooit een goed verhaalidee. Dus ook geen boek!
  5. Pas als je alle drie hebt (een goed verhaalidee, een uiterste inleverdatum voor je manuscript én koffie), kun je een bestseller schrijven. En wel in zeer korte tijd!

Conclusie: koffie is een essentieel onderdeel van het schrijven.

Schrijfwerk, maar niet zonder koffie.

Het is dus, gezien het bovenstaande logisch. Schrijfwerk moet je doen met koffie erbij.

Toch is de praktijk wel even anders, heb ik gemerkt. Soms zit ik echt lange tijd te zoeken naar mooie namen voor personages, details voor het verhaal, omschrijvingen van hoe alles eruit ziet, bewoordingen voor acties, onderdelen van wapens en ruimteschepen. Ik vergeet soms hoe iets eerder in het verhaal genoemd is en moet het dan weer op gaan zoeken. Gelukkig lukt dat wel in Word, want daar zit een handige zoekfunctie in. Maar dan moet je nog wel weten hoe je iets had verwoord. Was het nou het Geminihotel of Hotel Gemini? Was het nou een roltrap of iets met het woord baan erin? En welke naam heb ik nou ook alweer precies gebruikt voor de planeten en de wezens uit het verhaal? Gelukkig kan ik voor dat laatste een hele uitwerking gebruiken die ik eerder heb gemaakt. Ook voor de personages, want die staan uitgewerkt. Alleen raadpleeg ik die documenten tijdens het schrijven bijna nooit meer. Maar als het nodig is, heb ik ze wel achter de hand. Soms maak ik een schetsje, zoals die voor de juiste route in een mijn. Maar voor de ruimtestad heb ik nog steeds geen plattegrond. Die had ik willen maken en dat moet nog steeds. Misschien moet ik dat toch echt maar eens gaan doen, want nu zoek ik me rot. Ik zat in een hoofdstuk vast, omdat na veel wikken en wegen bleek dat ik de verkeerde slachtoffers had. Er moesten twee anderen dood. Ja, als schrijver speel je wel voor god.

Conclusie: er gaat veel tijd in zoekwerk zitten. Bovendien veranderen verhaalideeën terwijl ik bezig ben. Komt er een beter idee in mijn gedachten, dan moet het eerdere daarvoor wijken. Want het verhaal moet natuurlijk wel zo goed mogelijk worden. Schrijven is al net zo vloeibaar als mijn denkproces vaak is. En net zo vloeibaar als mijn koffie!

Ik heb het plot helemaal uitgewerkt staan in Excel. En toch ging het even heel erg stroef met schrijven. Ik zat in de POV van het eerste personage en moest van hem uit verder. Pas na een paar dagen niet schrijven, is het weer gelukt. Ook als ik niets schrijf blijf ik onbewust toch met mijn verhalen bezig en uiteindelijk dringt de oplossing zich vanzelf wel aan. Ik kwam vandaag in een geweldig sterke stroomversnelling en schreef een heel nieuw hoofdstuk achter elkaar af. Wauw! Wat een geweldig gevoel geeft dat.

Conclusie: Je kunt nog zo’n strak plot hebben, het schrijfproces verrast je telkens weer.

Soms zit ik een paar uur wat te schrijven op een dag en dan schiet het maar niet op. Als ik het dan de volgende dag teruglees, zie ik dat de zinnen beter kunnen. Dan ga ik dat eerst weer redigeren voordat ik verder ga. Er zijn meer schrijvers die het zo doen, zag ik in een paar YouTube filmpjes. Daar kijk ik de laatste tijd weleens naar, want het is handig om te horen hoe een ander het aanpakt. Ik heb de kunst een beetje afgekeken van Jerry Jenkins, Jenna Moreci, Michael La Ronn en Alexa Donne. Hoewel ik merk dat hun situatie als schrijver in de USA wel heel anders is dan die van mij, is het toch fijn om te horen hoe zij het aanpakken. Ze hebben soms goede tips over schrijven en soms zitten er filmpjes bij waar ik me niet zo in kan vinden. Die laat ik dan links liggen, want uiteindelijk bepaal ik zelf wat voor mij werkt en wat niet.

Conclusie: Tussendoor redigeren van wat eerder is geschreven werkt voor mij.

Hoe komt de koffie zo koud?

Regelmatig gebeurt het dat ik koffie ingeschonken heb en dat die helemaal ijskoud wordt. De tijd vliegt dan voorbij. Ik ben die volle mok met koffie helemaal vergeten. Dus de conclusie dat koffie essentieel is bij het schrijven, klopt ergens ook weer niet. Ik kan best schrijven zonder koffie.

Hoe dat komt?

Ik zat in een andere wereld

Ja, echt. Ik zat helemaal in de wereld van mijn verhaal. Nergens heb ik dan nog erg in. Ik ben zo geconcentreerd bezig dat ik de tijd compleet vergeet. Voordat ik het weet staat de klok ’s middags ineens op zes uur, terwijl ik om vijf uur het eten had willen koken. Of als ik er ’s avonds nog even voor ga zitten, is het voor ik er erg in heb al ver na middernacht. Dan had ik allang in bed moeten liggen.

Dit vind ik helemaal niet erg, hoor. Want als ik op die manier bezig ben, heeft het verhaal me vast en dan maak ik echte kilometers. Vandaag kreeg ik hoofdstuk 18 van Interplanetair deel 1 af. Ik zit aan de 76.662 woorden voor het manuscript. Misschien moet ik een paar hoofdstukken die hierna nog komen wel samenvoegen tot een hoofdstuk, want anders wordt dit boek alweer heel dik. En het moet een beetje dunner dan bij de eerste trilogie. Vooralsnog denk ik dat het me prima lukken zal. Morgen verder vanuit de tweede POV, dan gaat het erom spannen. Het wordt een kwestie van erop of eronder. Hopelijk kom ik ook dan weer in een mooie stroomversnelling, dan krijg ik een fijne Pinksterzondag.

En misschien smaakt zelfs de koffie goed.

Groeten van Johanna Lime

Niet perfect is ook goed

30 april 2020

Niet perfect is ook goed

Achteraf gezien heb ik de maand april 2020 goed besteed. Misschien ging het schrijven niet helemaal perfect, maar dat hoefde wat mij betreft ook niet. Het was mijn doel om drie nieuwe, korte verhalen te schrijven voor de themawedstrijd Waterloper 2020. Dat is mij gelukt!

Ik heb werkelijk geen idee wat de jury van deze drie verhalen vinden zal. Natuurlijk niet, dat krijg ik pas te weten tijdens of na de prijsuitreiking. Ik heb voor mezelf besloten dat ik het helemaal goed ga vinden, zelfs wanneer de verhalen onder aan de ranglijst komen te staan. Ik ga me er niet langer om verbijten als ik de tweede ronde niet eens haal. Zelfs niet als mijn verhalen gediskwalificeerd worden. Het is goed. Perfectionisme kan soms ook te ver gaan.

Ik hoop natuurlijk wel op meer, maar weet ook dat ik de dingen vaak anders bekijk dan een jury of een lezer. Ik pas moeilijk in een hokje, daar heb ik mijn hele leven al moeite mee.

Zelf ben in tevreden met wat ik in april geschreven heb. Ik vind de drie verhalen goed geworden. Het was in het begin een beetje zwoegen. Maar het schrijven met een summier verhaalschema lukte wonderbaarlijk goed. Het was een leerzaam proces waar ik plezier in kreeg. Het was leuk om de verhalen dag na dag te zien groeien. Om alinea’s die de ene dag geschreven waren, beter te zien worden omdat ik ze de dag erna eerst weer ging redigeren. Na dat redigeren schreef ik weer verder. Het stuk dat ik die dag nieuw geschreven had, redigeerde ik de volgende dag weer, enzovoorts. De woordkeus werd beter, zinnen liepen anders, fouten werden er al schrijvende uitgehaald. Het verhaal paste bij mijn logica.

In tegenstelling tot mijn boeken, had ik van tevoren geen plot bedacht. Ik schreef deze korte verhalen spontaan, als een pantser. Broek op de stoel en schrijven! Maar al gauw vulde ik toch wel een summiere planning in. Een schema dat tijdens het proces intuïtief weer alle kanten op vloog, omdat er nieuwe inspiratie kwam. Wat een nachtje slapen met je geest doet, is echt te gek voor woorden! Verhalen worden geboren in het onderbewuste van een mens, dat heb ik inmiddels wel geleerd. Daar zit alles opgeslagen wat je ooit zintuiglijk ervaren hebt, wat je ooit bedacht hebt, wat je ooit gelezen of gezien hebt. Daar komen de associaties tot stand die een verhaal doen opwaaien. Daar begint de brainstorm. Zelfs, of misschien juist wel, met idioot lastige thema’s als van een schrijfwedstrijd die Waterloper heet.

Ik ga ze in mei opsturen en dan zie ik wel wat ervan komt. Wat ik nu al weet, is dat deze verhalen het ooit waard worden om gepubliceerd te zijn. (Het liefst na herschrijven aan de hand van een deugdelijk juryrapport, natuurlijk, als de wedstrijd weer voorbij is).

De CampNaNoWriMo van april heb ik gewonnen. Het wordt natuurlijk enorm spannend als mijn verhalen straks zijn opgestuurd en door een jury beoordeeld worden. Maar perfect hoeft niet, ik hoef die wedstrijd niet te winnen. Zo krampachtig als ik er vorige jaren in stond, daar doe ik niet meer aan. Ik heb er meer vertrouwen in. Dat ik een goede schrijver ben, hebben vijf gepubliceerde boeken me nu inmiddels wel geleerd. Dat heeft de redactie van manuscripten die steeds beter waren me intussen wel geleerd. Ik hoef met niet te bewijzen met korte verhalen. Daar ben ik gewoon minder sterk in dan in dikke boeken schrijven. Mijn prijs heb ik al gewonnen. Ik heb genoten van het schrijfproces, dat gaf me plezier. Er staan weer echte gekke dingen in deze drie verhalen, dingen die alleen Johanna Lime bedenken kan. Ik ben er nu al trots op. Kom maar op met die wedstrijd. Ik heb er zin in om mijn collega-schrijvers te ontmoeten. Om te horen hoe het hen vergaan is. Nu nog hopen dat het aan het einde van dit jaar wel weer mogelijk zal zijn.

Onverwachte herschreven inzendingen

Wat ik ook heel fijn vond, was herschrijven voor Edge Zero. Twee verhalen die vorig jaar meegedaan hadden aan Waterloper 2019 onder handen nemen. Sommige adviezen uit de juryrapporten ter harte nemen, omdat ze me mogelijkheden boden om de verhalen te verbeteren. Andere opmerkingen naast me neer leggen omdat ik me niet laat vertellen wat ik schrijven moet. Ook in dat soort beslissingen ben ik sterker geworden. Ik volg mijn eigen inzichten, al neem ik goede raad graag aan. Wat er met de verhalen gaat gebeuren die naar Edge Zero zijn gestuurd weet ik natuurlijk ook nog niet. Maar daarvoor geldt hetzelfde. Het is goed. Ik weet dat ze beter zijn geworden in de herschrijfronde. Ze kunnen de kritiek weerstaan.

Wat ik heel leuk vond is het herschrijven van ‘Hoe een oger uit Geoglurk de aardmannen hielp’. Dat was een verhaal uit 2015, wat in 2019 was herschreven en nu dus weer herschreven is. Het is een verhaal voor tieners, dat erg humoristisch werd gevonden en daarom heb ik het als e-book op Smashwords gepubliceerd. Ook daarbij heb ik elementen uit het juryrapport ter harte genomen, waardoor er iets meer spanning ingekomen is. Ik hoop dat veel lezers vanaf 10 jaar het met plezier zullen lezen. (Kijk in Publicaties NL voor de link).

Op het eind van de CampNaNoWriMo ben ik begonnen aan een sciencefiction verhaal voor HSF. Of dat me gaat lukken? Ik weet het niet. Ik ben bang dat ik me laat intimideren door de eisen. Science fiction (harde waarschijnlijk) in minder dan 3000 woorden. Kan ik dat wel?

Ik twijfel er nog over, hoewel ik inmiddels wel een geniale titel heb bedacht. In mei nog maar eens verder sleutelen aan dit verhaal.

En dan weer gauw verder aan mijn manuscript voor mijn zesde boek, het eerste deel van de Interplanetair trilogie bij Zilverbron.

Groeten van Johanna Lime

NaNoWriMo 2019 week 4 en nu even rust

29 november 2019

Week 4 van NaNoWriMo

Ik schreef het vorige week al, ik heb de National Novel Writing Month van november 2019 weer gewonnen. Doel gehaald. Het verhaal over Daniël & Irene, versie 1 ervan, is voor de helft geschreven. Tot en met 25 november werden het in totaal 52.816 woorden met het afkomen van hoofdstuk 14 van de 27 hoofdstukken die het moeten worden.

Daarna heb ik uitstelgedrag vertoond. Ik was moe van NaNoWriMo en ik heb er geen woord meer bijgeschreven.

Hoe kwam dat? Ik had een depressieve bui. Met mijn gedachten zat ik steeds weer bij vorig jaar toen Dinie zo ziek was dat ze niets meer at. We moesten naar de internist en daarna ging ze door de scan. We kregen te horen dat de kanker door haar hele lichaam was uitgezaaid. Ze at al een hele maand niets meer, dat kon zo niet. Maar er was geen houden aan. Op 23 december stierf ze.

Nu gaan we weer naar de decembermaand toe. Ik voel me erg alleen.

Ik ben op de helft van het verhaal en ontdek dat ik te weinig weet. Wie lopen er allemaal in die ruimtestad, hoe zien ze eruit, wat doen ze, wie, wat, waar, waarom en hoe?

Ik moet eerst weer even aan het brainstormen. De vragenlijsten van de personages die ik erbij gehouden heb zijn al schrijvende alweer aangevuld met namen van volksgenoten en uiterlijke kenmerken zijn beter opgeschreven. Maar daarmee ben ik er nog niet. De wereldbouw vraagt om meer details, om meer beschrijvingen, om sfeer en spanning.

Daar heb ik op het moment geen zin in. Ik mis Dinie om mee te brainstormen. Ik schuif het naar het volgende jaar.

Ik ga in december eerst weer een planning maken voor 2020, zoals ik altijd doe. De korte verhalen van Waterloper moeten herschreven worden, ik moet nog een keer naar Brugge voor De Avonturensteen, De twaalfde Saturnusmaan vraagt om een volgende versie en de trilogie Interplanetair vraagt om veel meer ideeën en een chronologie voor boek 1,2 en 3 zodat ik verder kan. Dus freewriten, brainstormen, plotten en meer.

Voor dat meer heb ik al bedacht dat ik weer eens wil gaan tekenen. Een plattegrond van een ruimtestad maken bijvoorbeeld. De plattegrond die ik heb van Biarrastad moet omgekeerd worden, want tijdens het schrijven zijn oost en west verwisseld. Dan heb ik nog geen plattegrond van Bengalostad en die zou ook wel handig zijn.

Ik wil gaan werken met mijn tekenprogramma’s op de computer en weer nieuwe covers maken. En tussendoor komen er nog bergen praktische dingen op me af, zoals behangen en alle kasten in huis eens op gaan ruimen. Weg doen wat ik nooit meer gebruik.

Met dat laatste was ik pas ook bezig. Dat kan ertoe hebben bijgedragen dat ik me zo rot voelde. Spullen van Dinie opruimen omdat ik er niets aan heb. Overal zitten herinneringen aan. Dat valt dus nog niet mee.

Ik gun mezelf nu dus even een paar dagen rust door 0 woorden te schrijven. In december gaan Natascha en ik verder werken aan de redactie van Schamel verbond. Daar kijk ik nu naar uit. We gaan ons best doen om het verhaal zo mooi mogelijk te krijgen voor het boek dat in april 2020 wordt verwacht.

Het andere schrijfwerk zie ik volgend jaar dan wel weer.

 

Zes jaar op rij – ruim 700.000 woorden, of een miljoen?

In de vorige blog over week 3 van NaNoWriMo had ik een plaatje opgenomen waarop stond dat ik al 631.457 woorden had geschreven vanaf 1 november 2014 tot nu. Daarbij zijn alle NaNoWriMo en CampNaNoWriMo projecten meegeteld. Maar het klopte niet.

De organisatoren kregen het niet voor elkaar om op de nieuwe website de woordenaantallen van CampNaNoWriMo van april 2019 en juli 2019 erin te zetten. Daardoor miste ik dus twee maanden schrijfwerk. Het eigenlijke woordentotaal dat ik gehaald heb in de zes jaar dat ik meedoe is 784.839. Kijk maar op onderstaand plaatje. Ik houd de stand zelf in Excel bij en hier heb ik alles van de afgelopen zes jaar bij elkaar staan.

In die tijd heb ik aan korte verhalen geschreven voor de Paul Harland Prijs, Fantastels, Waterloper, onze e-books op Smashwords en aan de trilogie De vergeten vloek. Ook De twaalfde Saturnusmaan en Interplanetair kwamen aan bod.

Tussen de NaNoWriMo en CampNaNoWriMo maanden door hebben Dinie en ik natuurlijk ook geschreven. Schimmenschuw begon als manuscript al op 1 maart 2012, en daarvoor (vanaf 1 november 2011) waren we ook al bezig aan deel 1 van De vergeten vloek. Dus al met al is de stand misschien wel miljoen woorden?

Mijn leraar tekenen op de Pedagogische Academie, waar ik ook les kreeg voor de LO akte tekenen, zei altijd dat ik een eigen stijl had met mijn schilderijen. Maar om echt een kunstenaar te worden moest ik wel 100 schilderijen maken.

Misschien ben ik dan nu eindelijk zo ver dat ik me na miljoen woorden schrijver kan noemen. In elk geval heb ik in die tijd erg veel geleerd over schrijven en dat houdt ook nooit meer op. Ik begin te merken, aan het redactiewerk en aan het lezen van debuutromans, dat ik geen beginner meer ben. Alleen vraag ik me af waarom het zo moeilijk blijft om bij korte wedstrijdverhalen hoger te scoren. Misschien ben ik gewoon beter in het schrijven van romans? Wat denken jullie?

 

Groeten van Johanna Lime

NaNoWriMo 2019 week 3, Winnaar

23 november 2019

Week 3 van NaNoWriMo

In de derde week van de National Novel Writing Month dacht ik elke dag wel weer lekker door te kunnen schrijven aan mijn verhaal. Dat bleek nog niet zo gemakkelijk te zijn. Allereerst had ik last van uitstelgedrag en deed ik er van alles omheen, maar schreef ik urenlang niets. Daarnaast kreeg ik nog vier nieuwe hoofdstukken binnen van het redactiewerk voor deel 3 van De vergeten vloek, en die wilde ik eerst af hebben voordat ik aan het verhaal voor NaNoWriMo begon. Gelukkig bleek ook nu weer dat het met de te wijzigen scènes eigenlijk wel meeviel met die redactie. Natuurlijk ben ik ook niet alleen maar hele dagen aan het schrijven en moest er daarnaast van alles in de huishouding gedaan worden. Dan heb ik mijn koolhydraatarme dieet waar ik rekening mee moet houden. En de fysiotherapie met de oefeningen en het fietsen op de hometrainer. Dat is allemaal al drukte genoeg, zou je zeggen.

Toch wilde ik echt meters maken, maar het viel nog lang niet mee. In deze derde week begon ik vaak pas om drie uur ’s middags te schrijven voor de NaNoWriMo. Dan was ik even bezig en merkte tot mijn schrik dat het tijd was om het eten klaar te maken. Meestal at ik dat op bij het kijken naar het nieuws en ‘de wereld draait door.’ Gek, ik keek daar vroeger nooit naar maar de laatste tijd vind ik het wel leuk. Het zal er wel mee te maken hebben dat ik alleen ben nu. Als het journaal van acht uur dan voorbij was, ging ik pas weer verder schrijven. Ik zat helemaal in het verhaal en het werd snel elf uur ’s avonds. Een paar keer in de afgelopen week ben ik pas ver na middernacht naar bed gegaan. Dat moet niet te vaak gebeuren, want dan slaat de vermoeidheid toe.

Het duurde deze week wat langer om aan de woordenaantallen te komen. Ik zat in het middenstuk van het plot. Om het verhaal goed op te schrijven was er meer onderzoek nodig. Sommige scènes vereisten dat ik er nog iets nieuws bij moest verzinnen, want ongemerkt had ik de informatie al eerder gebruikt in het verhaal. Dat bedenken duurt meestal wel even. Gelukkig lukt het me telkens weer om iets te vinden waarmee ik verder kan.

Vanaf dag 1 tot afgelopen donderdag was het me gelukt om, met in week 2 het slim over de dagen verdelen van de woordenaantallen, elke dag precies 1667 woorden of meer toe te voegen. Donderdag lukte dat niet. Ik had er 1319. Geen ramp natuurlijk want er was al een flinke buffer opgebouwd. Op vrijdag rond een uur of 11 ’s avonds is het me gelukt om over de 50.000 woorden heen te gaan. Ik heb de NaNoWriMo van november 2019 weer gewonnen!

 

Zes jaar op rij.

Ik houd van de National Novel Writing Month. Het is voor mij een geweldige manier om aan een flink deel van een boek te werken. In de drie weken van november 2019 ben ik gekomen tot halverwege hoofdstuk 14 voor Interplanetair deel 1, Daniël en Irene. Dit moet uiteindelijk het eerste deel van een nieuwe trilogie worden die na De vergeten vloek gaat komen. Het manuscript is voor de helft af. Dat wil zeggen, versie 1 ervan. Want dit jaar heb ik echt volgens de NaNoWriMo traditie een eerste versie geschreven. Ik ben er nog niet klaar mee, ik moet nog verder totdat ik het hele verhaal voor mezelf heb uitgewerkt. En dan komen er nog een aantal herschrijfrondes. Een boek is nu eenmaal niet zomaar klaar, het schaven en nog beter maken begint later pas.

Op de nieuwe website van NaNoWriMo staat tegenwoordig alles bij elkaar. Niet alleen van de schrijfmaanden van november (NaNoWriMo), maar ook van april en juli (CampNaNoWriMo). Bij CampNaNoWriMo kun je zelf een doel stellen, daar mag je ook 10.000 of 20.000 woorden in een maand schrijven. Het is maar een keer voorgekomen dat ik het woordenaantal niet gehaald heb in zo’n maand. Daardoor heb ik nu in zes jaar tijd 631.457 woorden geschreven. Het zijn woorden die horen bij De vergeten vloek, bij korte verhalen en bij De twaalfde Saturnusmaan. Nu dus ook bij Interplanetair.

Dat er zoveel woorden zijn geschreven door mij, betekent niet dat al die woorden ook in boeken en verhalen staan. Toch is ongeveer de helft ervan wel in boeken en e-books terecht gekomen.

Ik ben soms een traditionele NaNoWriMo deelnemer, dan schrijf ik versie 1 van een verhaal. Maar vaak ook ben ik een rebel. Dat houdt in dat ik dan bezig ben met een herschrijfronde. Het is wel leuk om te zien hoe de titels van de manuscripten door de jaren heen steeds weer veranderd zijn. Ik merk ook dat ik door onder andere hieraan mee te doen een routine in het schrijven heb opgebouwd. Ooit hoop ik die toch ook nog eens voor tekenen te krijgen.

De intrinsieke motivatie voor verhalen schrijven is er, ik heb nog genoeg ideeën die ik ooit ook nog eens wil uitwerken voor een roman. NaNoWriMo maanden helpen me telkens weer om de routine van het elke dag aan een verhaal bezig zijn vast te houden.

 

Winnaar

Alles is relatief. Ik ben een winnaar! Ik heb een pdf bestand gekregen waar ik mijn pseudoniem op in kan vullen en de naam van het manuscript waaraan ik heb gewerkt.

Ik weet ook dat dit een prestatie is waar ik nog weinig mee kan. Ik heb iets op mijn computer staan waar ik lange uren in gestoken heb, maar wat heeft het voor zin?

Het wordt pas echt leuk als de verhalen die ik schrijf als een boek of een e-book gepubliceerd worden.

Korte verhalen schrijf ik meestal om ze aan een schrijfwedstrijd mee te laten doen. Als ik ze daarna voorzien van een juryrapport terug krijg, ga ik ze herschrijven en helemaal ideaal laat ik ze door een gedegen redactie gaan. Dat ik het kostenplaatje daarvan nooit meer terugverdien, interesseert me de laatste tijd minder dan vroeger, al blijft het krom dat je als fantasy/scifi-schrijver nauwelijks betaald krijgt voor al je werk. Ik vind het leuk om voor zo’n verhaal een leuke kaft te tekenen, het van een lay-out te voorzien en het op Smashwords uit te kunnen geven als e-book. Het alternatief is dat het op de computerschijf blijft staan en daar nooit meer af komt. Aan gratis weggeven doe ik niet meer, dat geeft een verkeerd signaal af. In sommige maanden verdien ik zelfs een paar centen aan mijn gepubliceerde e-books, als iemand een verhaal bij Smashwords of via Kobo of Bol heeft gekocht. Dan kan ik wel een gat in de lucht springen, zo blij ben ik dan. Gelukkig hoef ik van het geld niet te leven. Wat dat betreft is het eerder een hobby, want het kost me meer dan het oplevert.

Het wordt nog veel mooier als mijn langere verhalen echte paperbacks worden met een prachtige kaft, een foto en een flaptekst. Ik ben dan ook blij met uitgeverij Zilverbron. Daar kan ik ook echt andere schrijvers ontmoeten en daar voel ik me gewaardeerd. Bovendien ben ik nu op Facebook al ongeveer een jaar bezig als een van de beheerders van de Zilverboekenclub, waar ik samen met de auteurs hun personages en werelden uit de boeken voorstel aan de lezers. Zilverauteurs zijn auteurs die boeken hebben uitgegeven bij Zilverspoor of Zilverbron. De Zilverboekenclub gaat over hun boeken. U kunt er bijvoorbeeld ook recensies plaatsen bij de foto’s van de boeken, op Facebook dus.

Op het moment kan ik helaas niet zo gemakkelijk meedoen bij het verkopen van de boeken op de verschillende festivals zoals Comic Con, Elfia, Castlefest, Keltfest en dergelijke. Ik houd het staan geen weekend vol met mijn versleten heup en knie. Maar in april hoop ik toch wel op de Elfia in Haarzuilens te staan. Het afvallen lukt met het dieet dat ik van de diëtiste kreeg goed, al is er nog een lange weg te gaan voordat ik weer zo slank zal zijn als eigenlijk het beste voor me is. De oefeningen van de fysiotherapeut helpen ook, al heb ik sommige dagen best veel pijn. Ik hoop zonder operatie zover op te knappen dat ik weer helemaal fit word.

Op de Elfia van Haarzuilens in april 2020 kunt u dan de hele trilogie van De vergeten vloek kopen. Het schrijven en herschrijven daarvan besloeg een paar jaar van de NaNoWriMo, maar de boeken in handen hebben en ze echt kunnen lezen geeft me pas het gevoel een winnaar te zijn.

En de mooiste prijs om te winnen is als lezers laten blijken dat ze mijn boeken gelezen hebben en dat ze ervan genoten hebben. Want daar doe ik alles voor.

 

Groeten van Johanna Lime

 

NaNoWriMo week 1

7 november 2019

Ik doe voor het zesde jaar op een rij mee aan de National Novel Writing Month. Het doel is om in de maand november een routine vast te houden en om 50.000 woorden van een nieuw verhaal te schrijven.

In 2019 schrijf ik ook echt de eerste versie van een heel nieuw verhaal, wat eigenlijk de opzet is van NaNoWriMo. Voorheen heb ik de novembermaand ook wel gebruikt om delen van een manuscript te redigeren en te herschrijven. Toen was ik een zogenaamde Rebel, maar nu dus niet. Ik werk aan deel 1 van een nieuwe trilogie die na De vergeten vloek moet komen en die ik de naam Interplanetair gegeven heb.

De website waar ik elke dag mijn geschreven aantal woorden moet invoeren, is vernieuwd. Het is even wennen aan de lay-out, maar ik vind hem wel mooier geworden. Hopelijk halen ze alle kinderziektes er nog uit. Dan werkt hij voor NaNoWriMo in november, maar ook voor CampNaNoWriMo in april en juli. Alles staat dan netjes bij elkaar.

Het leuke van de nieuwe website is dat er een stopwatch en een timer op staat, zodat je een woordsprint kunt maken. Je kunt ook invoeren van hoe laat tot hoe laat je geschreven hebt. Ik heb de timer al eens op een uur gezet. Tussen 10.00 uur ’s morgens en 11.00 ’s morgens kreeg ik een plaatje van een ‘vroege vogel’.

Vandaag voerde ik in dat ik tussen 12.00 uur en 15.00 uur geschreven had, en kreeg ik een flamingo.

Ik werk thuis op mijn laptop. Deze gegevens kun je invoeren en dan krijg je plaatjes op je webpagina te zien. Bovendien zijn er grafieken. Ik vind de staafgrafiek waarop te zien is hoeveel er per dag is geschreven wel handig.

De afgelopen week ben ik goed van start gegaan, er zijn nu 19.240 woorden geschreven.

Vandaag begon de vermoeidheid toe te slaan, dus het is wel fijn dat ik alvast een buffer heb voor als het niet zo lukken wil. 1667 woorden per dag zijn nodig om 50.000 aan het eind van de maand te halen. Ik hoop de 50.000 woorden te kunnen halen, maar liever nog meer.

Het is altijd weer een stimulans om te weten dat schrijvers van over de hele wereld eraan meedoen.

De badges die je krijgt, vind ik leuk. Ik zie ze als een soort beloning. Twee dagen achtereen je woordenaantal invoeren, 3 dagen, 7 dagen, leveren een badge op. 1667 woorden per dag geschreven, 5.000 woorden gehaald, 10.000 woorden gehaald ook. Vanaf nu wordt het lastiger om nog nieuwe beloningen te krijgen en uiteindelijk gaat het er natuurlijk om dat ik een winnaar word.

Ik heb nu van het nieuwe verhaal in een week tijd vijf hoofdstukken geschreven en daar ben ik erg blij mee. Het is het begin van een nieuw avontuur, een nieuwe serie boeken.

 

Wie van jullie doet er ook mee aan NaNoWriMo?

 

Groeten van Johanna Lime

NaNoWriMo 2019 begint

31 oktober 2019

Ik had het al eerder aangekondigd op deze website, maar hier dan nog een keer. Morgen is het 1 november en dan ga ik weer meedoen aan de NaNoWriMo. De hele maand november 2019 zal ik druk bezig zijn met het schrijven van het begin van de eerste versie van deel 1 van een nieuwe trilogie: ‘Interplanetair’.

De verhalen van deze nieuwe trilogie zullen zich in dezelfde verbeeldingswereld afspelen als Schimmenschuw en De vergeten vloek, alleen een generatie later. De hoofdpersonages zijn Irene Morane en Daniël Muir-Attholred, de kinderen van Jima Revaldesh-Morane en van Sylviana Attholred.

Ik ben de laatste week bezig geweest met voorbereidingen.

Prinses Irene Morane die Interplanetair Recht studeert, gaat stage lopen in de ruimtestad waar de Galactische Rechtbank zich bevindt. Ze komt erachter dat er bewijsmateriaal van een vorige rechtszaak wordt ontvreemd. Hun vijanden zouden daardoor een nieuwe rechtszaak kunnen beginnen tegen haar volk. Ze zouden Laskoro en Berinyi kunnen dwingen om de Neutrale Zone op te geven. Dat zal enorme consequenties hebben voor het prille verbond dat haar volk is aangegaan met het volk van prins Daniël Muir-Attholred.

Daniël moet op een andere planeet vrienden van Berinyi te hulp snellen. Zij worden aangevallen door oude vijanden. Maar wanneer Daniël daar is ontdekt hij nog iets anders.

Afijn, het is een ingewikkeld verhaal waarin heel veel gebeurt. Er komen ook wezens in voor die van verschillende planeten afkomstig zijn.

Ik heb het plot al helemaal in een schema staan, dus morgen kan ik starten. Ik heb ook al een idee waar deel 2 en 3 over moeten gaan en welke personages daar een hoofdrol moeten krijgen.

Ik heb er veel zin in. Het lijkt me een geweldige nieuwe uitdaging om fantasy (magie) science fiction (ruimtetechniek) en een vleugje romantiek in een nieuwe trilogie samen te brengen.

Ik hoop dus dat ik tijdens de maand november de eerste 50.000 woorden kan schrijven. Als dat me lukt heb ik een fijn begin en kan ik er in 2020 aan verder werken.

 

Aangezien het wel een aantal uren per dag in beslag zal nemen, moet ik andere dingen laten staan. Sociale media bijvoorbeeld. Daar zal ik minder op te vinden zijn.

Maar als het tussen de bedrijven door lukt, hou ik u van de voortgang op de hoogte.

 

Groeten van Johanna Lime

 

De twaalfde Saturnusmaan is geschreven

21 oktober 2019

 

Het verhaal dat er moest komen is af

Op 16 september schreef ik over mijn passie voor het verhaal ‘De twaalfde Saturnusmaan’. Deze titel heb ik nu gekozen omdat een droom die Dinie ’s nachts had over de ontdekking van een nieuwe maan bij Saturnus, werkelijk uitkwam. ‘s Morgens kwam in het nieuws op de radio dat de twaalfde maan van Saturnus ontdekt was. Ik vind dit een mooie herinnering aan haar. In het boek landen er aliens op de twaalfde maan van Saturnus. Daarvandaan doen ze onderzoek naar de ontwikkeling van de mensheid op aarde. Dat gebeurt aan de hand van herinneringen en ervaringen van twee eigenwijze vrouwen, die anders zijn dan de meeste mensen.

Ik heb veel getwijfeld tijdens het schrijven van dit gedeeltelijk autobiografische verhaal. Uit de cursus ‘Schrijf Je Verhaal’ die ik volgde bij Marjon Sarneel bleek dat autobiografisch schrijven specifieke vaardigheden vereiste. Ook maak je als schrijver bepaalde overwegingen omdat je uit persoonlijke ervaringen put. Je wilt niet dat degenen die zich in jouw verhaal herkennen zich gekwetst zullen voelen. Toch wil je met je verhaal je boodschap kwijt, want je hebt als schrijver iets te melden. Iemand die de noodzaak voelt om met een autobiografisch verhaal naar buiten te komen, heeft dingen meegemaakt waar een lezer iets van kan leren. Al was het alleen maar om aandacht te vragen voor bepaalde zaken die in onze maatschappij nodig eens van meerdere kanten bekeken moeten worden. Ik ben over dit verhaal zo gepassioneerd omdat er in mijn leven heel wat conflictsituaties waren. En zoals u misschien weet is een conflict de motor voor een verhaal. Daarom moest ik dit wel schrijven.

Maar een zwaar deprimerend verhaal met schrijnende problemen is niet geschikt om te lezen en bovendien schrijft het helemaal niet fijn. Daarom heb ik er toch weer een fantasy en sciencefictionachtig verhaal van gemaakt. En daar komen de aliens tevoorschijn. Ze waren al eerder op de Aarde, bij de bouw van de Egyptische piramiden. En nu keren ze terug. Ze zijn op zoek naar specifieke hersengolven bij mensen. En als ze die gevonden hebben, starten ze een onderzoek op de twaalfde maan van Saturnus. Maar dat levert problemen op voor de twee vrouwen die ze voor hun onderzoek hebben uitgekozen. Afijn, u merkt het misschien al. Daar komt het verhaal tevoorschijn.

 

Maar ik hou het nog even vast

Ik heb het verhaal opnieuw geplot. Het heeft vierentwintig hoofdstukken gekregen en het is niet al te lang, nog net geen 55.000 woorden.

Mijn Facebookvrienden hebben me het advies gegeven om het in elk geval helemaal uit te schrijven. Ik ben blij dat ik dat heb gedaan.

Nu het helemaal geschreven is, hou ik het toch nog even vast. Ik ga het zelf helemaal doorlezen en redigeren. Bovendien wil ik uitzoeken of de hoofdstukken duidelijker zullen worden als ik er citaten boven zet. Als ik dat doe, wil ik een literatuurlijst achter in het boek zetten. In elk geval wil ik nog een nawoord schrijven waarin ik uitleg hoe ik ertoe gekomen ben om dit verhaal te schrijven.

Uiteindelijk moet ik gaan bepalen hoe ik het uit wil geven. Een uitgeverij zoeken die er iets in ziet, uitgeven in eigen beheer of net als mijn korte verhalen als een e-book op Smashwords.

 

Eerst in november NaNoWriMo

Ik leg ‘De twaalfde Saturnusmaan’ even aan de kant. Later kan ik de laatste versie schrijven van dit verhaal.

Nu ga ik snel verder met de voorbereidingen voor mijn project van NaNoWriMo van november. Ik wil die 50.000 woorden graag halen voor deel 1 van een trilogie die na ‘De vergeten vloek’ komt. Het eerste deel gaat over Irene Morane en Daniël Muir-Attholred, de volgende generatie na Jima Revaldesh-Morane en Sylviana Attholred. Laskoro en Berinyi moeten samenwerken om het evenwicht in de bevolking te kunnen herstellen. Maar er dreigt een gevaar. Daar gaat dit boek over. De hoofdpersonages komen in een ruimtestad terecht en op een planeet van hun handelspartner. Als titel voor de volgende trilogie gebruik ik ‘Interplanetair.’

Voordat het 1 november is moet ik nog het een en ander voorbereiden aan de antagonisten en aan de wereldbouw. Bovendien wil ik een plot uitwerken. Daar heb ik niet veel tijd meer voor, maar als het niet op tijd af is, begin ik gewoon met schrijven. Het liefst ben ik een planner, maar schrijven als een pantser lukt ook vaak. Dus: ‘no worries.’

 

Groeten van Johanna Lime

(Marjo)