Tijd voor een nieuw schrijfplan

10 juni 2019

Wie mijn blogs volgt, weet dat ik alleen verder ga als Johanna Lime, maar eerlijk gezegd had ik er in de periode dat er redactie op onze korte verhalen plaatsvond moeite mee om nieuwe dingen te doen.

Tussen augustus 2018 en juni 2019 zijn we/ben ik druk bezig geweest om in samenwerking met Tamara Geraeds de redactie op 26 korte verhalen te doen. Ze zijn of worden (op)nieuw als e-book uitgegeven op Smashwords.

19 verschillende verhalen met NL (Nederlandstalig) op de kaft en zes vertaalde met EN (Engels) staan hier: https://www.smashwords.com/profile/view/JohannaLime2

Een serie van 7 sciencefiction verhalen wordt vanaf 1 juni (1 verhaal per week) geplaatst en komt hier: https://www.smashwords.com/books/byseries/39033

Het heeft me moeite gekost om in de eerste maanden van 2019, na Dinie’s overlijden, met het schrijven aan Versie 3 van De vergeten vloek deel 3 door te gaan. De routine werd verbroken en wekenlang kwam ik geen woord vooruit. Toch ben ik langzamerhand wel aanbeland bij hoofdstuk 26 en is het plot gewijzigd zodat ik weer vooruit kan komen met de rest. Ook heb ik in de tussentijd een paar verhalen geschreven voor de Waterloper verhalenwedstrijd.

Het idee dat ik in de eerste vijf maanden van 2019 te weinig aan schrijven heb gedaan, speelt door mijn gedachten. Natuurlijk is het zo dat ik het na Dinie’s overlijden nogal druk had met allerlei zaken die geregeld moesten worden. Voordat alle administratieve rompslomp afgehandeld werd, was ik vijf maanden verder. Toch was het regelen van die dingen niet het ergste. Het grootste probleem was dat ik moest accepteren dat ik voortaan alleen zou zijn. Ik voelde me verdrietig en eenzaam. Zo zachtjesaan begint dat gevoel een plekje te krijgen. Ik heb mezelf een spiegel voorgehouden en goedbedoelde adviezen van anderen afgewogen. Daarna heb ik een paar knopen doorgehakt. En nu komt er wat meer ruimte voor het leven dat ik voor mijn toekomst voor me zie. Ik kan weer nieuwe plannen maken. Plannen met betrekking tot ons huis en plannen voor bezigheden waar ik blij van word. Die laatste zijn de plannen die er steeds al waren en die betrekking hebben op mijn schrijfwerk. Ik heb nu besloten om daar daadwerkelijk de tijd voor vast te zetten in mijn agenda. Om dus echt iedere dag te schrijven.

Ik heb een nieuwe planning gemaakt voor de rest van 2019 en die staat nu in Excel. Het houdt in dat ik elke dag minstens twee en een half uur schrijftijd neem. Met de kookwekker erbij, zodat ik elk kwartier af kan vinken. Dat is een manier die voor mij werkt.

In juni ga ik de resterende hoofdstukken van Versie 3 van De vergeten vloek afschrijven.

In juli gebruik ik CampNaNoWriMo om Versie 4 te schrijven.

In augustus zet ik de laatste puntjes op de i en stuur ik het manuscript naar Zilverbron.

Dan ga ik verder schrijven aan Saturnus Maan, maar als het me lukt wil ik ook beginnen aan verhalen voor Godijn Publishing, en zeker meedoen met een scifi/fantasy wedstrijd genaamd Zonderlingen (die naam ken ik nog goed van 2012 toen we op Magic Tales bezig waren met een groep enthousiastelingen).

Elke dag schrijven en een routine opbouwen, dat is wat ik opnieuw voor elkaar wil krijgen. Nu de redactie van korte verhalen voorbij is, krijg ik weer zin in iets nieuws. Nieuwe korte verhalen verzinnen om erbij te zetten op Smashwords, of misschien zelfs op te sturen voor een bundel. En natuurlijk wil ik ook verder in de wereld van Eibor Risoklany. Een nieuwe trilogie meldt zich onderbewust alweer aan.

Voor de inspiratie heb ik twee leuke boeken met schrijfoefeningen en ik heb pas 6 doosjes met story cubes gekocht, een spel met dobbelstenen waarmee verhalen bedacht kunnen worden. Laat de steentjes maar rollen.

Ik ben blij met de vrijheid die ik heb om dit te kunnen doen.

  • * spreuken van INgSPIRE.nl en uit mijn bujo, gevondenop Pinterest

 

Visionboard 2014

Geplaatst 6 mei 2018

In de serie over onze visionboards volgt nu het bord van 2014. We kijken hiermee terug op dit schrijfjaar. Zoals eerder aangegeven, maken wij elk jaar een nieuw visionboard voor onze schrijfplannen. Dat van 2018 zit nu in de wissellijst en hangt in de kamer. Zodoende worden we er elke dag aan herinnerd welke doelen we willen bereiken. Dit is een van onze manieren om gemotiveerd te blijven.

Hierboven een (bewerkte) foto van het visionboard zoals we dat in 2014 aan de muur hadden hangen. We hadden net een contract bij Zilverbron gekregen voor Schimmenschuw, dat voor mei 2015 op de planning stond en waarvan de redactie in 2014 zou beginnen. Dat laatste gebeurde ook, maar uiteindelijk werd Schimmenschuw vanwege het overlijden van onze uitgever, Jos Weijmer, in september 2015 uitgebracht, nadat Cocky en Barry van Dijk de uitgeverij overgenomen hadden.

We wilden zoals u kunt zien ook in 2014 weer aan kortverhalenwedstrijden mee doen.

Er waren plannen om na Schimmenschuw nog wel drie trilogieën te schrijven die in de verbeeldingswereld Eibor Risoklany speelden. Dus geen zeven boeken zoals op het visionboard van 2013 te zien was, maar zelfs negen boeken.

Voor de eerste twee boeken uit de reeks hadden we als titels Successie en Strijd bedacht. Inmiddels is Successie opgedeeld in Sluimerend vuur en Angst en Venijn, deel 1 en 2 van De vergeten vloek. Deel 1 kwam in april 2017 op de markt, deel 2 verwachten we in september 2018. We zijn nu bezig aan de eerste redactieronde van deel 2.

Wat we eerder Strijd noemden en in de plannen deel 2 zou worden, heeft inmiddels de werktitel Vuur en Zwaard gekregen en wordt deel 3 van De vergeten vloek. Plannen en visies kunnen nu eenmaal door de tijd heen wijzigen.

Het plan voor een tweede trilogie houdt echter stand, evenals het plan voor de autobiografie Saturnus Maan. In 2014 speelde dit idee een hardnekkiger rol dan in 2013 en ook dit idee is in de loop der jaren enigszins van vorm veranderd. De drang om zaken die verkeerd liepen in ons leven recht te zetten en ons standpunt hierover wereldkundig temaken, blijft om aandacht roepen.

Wat is er in 2014 dan gerealiseerd met betrekking tot schrijven?

Nou, dat is eigenlijk heel veel.

  1. We volgden cursussen.

– Spellingcursus Onze Taal

– Schrijven Online (SOL) cursus Personages, conflict en perspectief

– SOL cursus schrijven voor kinderen

-SOL cursus AVI schrijven

– NTI cursus Jeugdverhalen schrijven uit 2004 opnieuw opgepakt en uitgewerkt als zelfstudie

  1. We herschreven oude verhalen naar aanleiding van juryrapporten.

– ‘De Lillivallei’ werd ‘De Eedenvallei van de shoikeiyi’.

– ‘De knuffelsteen’ werd herschreven

– ‘De nevelkinderen’ werd ‘De nevelkinderen van Hary Rud’.

– Voor ‘De wording van Chyndyro’ werden tekeningen van de draken gemaakt. Dit verhaal werd gedrukt met de bedoeling het als geschenk voor de eerste honderd kopers cadeau te doen bij Schimmenschuw.

  1. Onze debuutroman.

Voor Schimmenschuw startte de redactie, een zeer intensief en zeer leerzaam proces.

  1. Korte verhalen.

– ‘Pacifistenbloed’ ging naar de Fantasy Strijd Brugge.

– ‘Idool’ en ‘Echt een wereld van ringen’ gingen naar wedstrijd van de Paul Harland Prijs.

– ‘Defragmentatie,’ ‘De niksmeer en de zeefemin’ en ‘Het D.D.D. syndroom’ gingen naar de Fantastels Verhalenwedstrijd.

– ‘Het feifarietalent,’ ‘De antibuilenbruildrank’ en ‘Ruilen met korrigans,’ gingen naar de Gantasia Awards wedstrijd van 2014 en kregen een plaats in drie verschillende verhalenbundels die in april 2015 op de markt kwamen.

– Met ‘De thylakonen van Mars’ deden we mee aan een themawedstrijd van AZRA magazine.

– We deden voor het eerst mee met NaNoWriMo en schreven 50.000 woorden voor ‘Strijd.’

– Bij 120 woorden deden we mee aan de wedstrijd ‘mosterd.’

– Bij ‘Mira loves books’ zonden we ‘De mooie buurjongen’ in voor ‘En toen… en toen… en toen…’

 

Je kunt dus wel zeggen dat 2014 een jaar was waarin we veel gedaan hebben.

Veel van toen is nu alweer herschreven of zelfs uitgebracht. Bij Zilverbron, bij Annibo en bij JohannaLime2 op Smashwords.

Een visionboard is er niet alleen voor de planning, het herinnert je ook steeds aan wat je wilde bereiken. Respect voor anderen en voor jezelf, ondanks alle kritiek op je werk. Respect voor de weg die je gaat en het steeds een stapje verder komen.

Het aanspreken van je creativiteit.

Onafhankelijkheid was een woord op dit visionboard dat er uiteindelijk toe geleid heeft dat we juryrapporten zijn gaan lezen met het idee dat die ook maar een mening weergeven van een persoon. ‘Kunnen we hier iets mee of niet? Zijn er suggesties om ons verhaal te verbeteren of niet? Zo ja, dan gaan we eraan werken. Zo nee, weg ermee.’

We hebben in 2014 nog geprobeerd om onze korte verhalen in tijdschriften gepubliceerd te krijgen, maar zijn daar mee gestopt.

In 2015 zijn we in plaats daarvan zelf e-books uit gaan geven, voor de liefhebbers.

Noem ons maar eigenwijs. Met iedere stap die we zetten, gaan we onze eigen weg. Die is voor iedereen anders. Gelukkig hebben we de Zilverfamilie gevonden, daar voelen we ons thuis.

Groeten van Johanna Lime.

 

Over de helft van NaNoWriMo november 2016

Geplaatst 18 november 2016

(inter)National Novel Writing Month

De 25.000 woorden badge is gehaald, we zijn over de helft.

Ons doel: 50.000 woorden schrijven aan deel 2 van onze trilogie: De vergeten vloek.

Zoals in de blog over dag 4 en dag 10 (hieronder te lezen) al aangekondigd, werken wij deze maand aan het begin van de vierde versie van deel 2 van de door ons te schrijven trilogie met de naam: De vergeten vloek. Het tweede deel heeft de werktitel: Erfenissen Het speelt in een ander koninkrijk dan deel 1: Sluimerend vuur.

In de afgelopen week stootten we op problemen, want het verhaal breidt zich uit. De personages krijgen meer ruimte en hun karakters komen beter naar voren. Er zijn er zelfs een paar waar we niet eerder zo uitgebreid over hadden geschreven. Bovendien moest er een groot conflict duidelijker worden verwoord en is de aanloop daarvoor nu logisch in het verhaal gekomen. Het komt dus minder plotseling uit de lucht vallen.

We hadden er zo onze twijfels over of wat we nu aan het schrijven waren wel echt in het verhaal zou passen. Maar wie schets onze verbazing? Nadat het eenmaal was geschreven, sloot het prima aan op de toekomstige, enge, gebeurtenissen in het verhaal. Die scène waarin er een tipje van de sluier wordt opgelicht over de heerseres van deze vijf planeten en het hoofdpersonage dat daarvan schrikt.

Andere schrijvers laten weleens weten dat ze zo verbaasd zijn dat alles altijd op zijn pootjes terechtkomt, dat het verhaal zich als het ware zelf schrijft. Alsof een verhaal een eigen persoonlijkheid bezit of een eigen lotsbeschikking heeft. We waren hierover eerlijk gezegd nogal sceptisch, maar vanaf nu zullen we de magie van een verhaal niet langer onderschatten. Wat een topervaring!

Door gaan, altijd maar door gaan!

nano-20161117-keep-calm

Het totale woordenaantal wordt elke dag bijgehouden.

We zijn met een schrijfritme van gemiddeld 2.256 woorden per dag zo zachtjes aan aanbeland bij hoofdstuk 10, dat is ongeveer een derde van ons manuscript. Wat dat betreft werkt de novembermaand ieder jaar goed voor ons, wanneer we meedoen aan de NaNoWriMo. We zijn weliswaar vorig jaar en dit jaar NaNorebellen omdat we geen heel nieuw manuscript beginnen, maar waarom zou je een nieuw manuscript beginnen als het boek dat uitgegeven gaat worden nog een paar versies schrijven en herschrijven nodig heeft? Wij vinden dat we onze tijd daar beter in kunnen stoppen. Een heel nieuw manuscript komt misschien nog wel een keer aan bod, hoewel het wel heel toevallig zou zijn dat we nu precies in november met iets nieuws gaan beginnen.

We schrijven het hele jaar door. Toch geeft NaNoWriMo ons altijd weer een extra duwtje in de rug. Het is die stok achter de deur die ons ertoe aanzet om elke dag kilometers te maken, wat in andere maanden soms versloft.

CampNaNoWriMo wordt bij ons ook gebruikt, maar vaak voor korte verhalen en voor een totaal dat niet per se op 50.000 uit hoeft te komen.

nano-20161117-stats

Dag 11 tot en met 17 van NaNoWriMo 2016

Op 10 november waren we gekomen tot 22.657 woorden. De grens van 25.000 was nog niet gehaald.

Op 11 november schreven we 2.453 woorden en kwamen we op een totale score van 25.110. We waren over de helft en kregen de volgende badge.

Tussen 25.000 woorden en 40.000 woorden is er geen badge meer te winnen. Nu kwam het erop neer om de motivatie goed vast te houden en ervoor te gaan zitten. De ene dag ging dat beter dan de andere. Niet dat we merkten dat het de zogenaamde helweek was, daar hebben wij geen last van. Wel werd het moeilijker om het verhaal dat we al hadden staan en erg kort door de bocht was, verder uit te breiden en het bovendien interessant te houden voor de lezers. Er werd een groot beroep gedaan op de creativiteit en op onze samenwerking.

Dag 12 was lastig maar leverde toch nog 1.691 woorden op. Dag 13 was een topdag met 3.497. Dag 14 was flink puzzelen, we wisten het even niet meer en schreven scènes die verspreid lagen over drie hoofdstukken, toch nog 1.935 woorden. Dag 14 ging weer iets beter en hoofdstuk 9 kreeg er 2.188 woorden bij. Dag 15 was weer een lastige dag met 1.892 woorden.

Het lijkt er veel op dat wanneer het een dag van een leien dakje ging, het de volgende dag moeizaam wordt. Maar met doorzetten winnen we toch elke dag aan verhaal. Gisteren, dag 17 dus, schreven we er weer 2.042 woorden bij.

Het totaal ligt nu op 38.355 en we hebben zicht gekregen op die vermaledijde badge van 40.000 woorden die zo ver weg leek te liggen.

Terugkomend op ons uiteindelijke doel: Een manuscript af te krijgen dat volgens ons zo goed is geworden dat het naar de uitgever kan worden opgestuurd. Dat gaat boven verwachting. Aan die 38.355 woorden die we nu hebben, hoeft niet veel meer gewijzigd te worden. De meeste stukken die we af hebben, staan stevig. Natuurlijk, we gaan er nog een kritische blik op werpen, maar verwachten niet dat er nog heel veel aan veranderd moet worden.

We zijn planners en pantsers tegelijk, hebben we ontdekt. Plantsers noemen ze dat bij NaNoWriMo.

De planning kan weleens anders gaan lopen tijdens het schrijfproces. Hoofdstukken waarvan we de namen al gepland hadden, krijgen al schrijvende soms heel andere namen. Creativiteit, inspiratie en logica gaan samen op.

Het leuke van dit alles is, om te ontdekken dan Marjo en Dinie met hun intuïtie en gedachten op hetzelfde vlak zitten. Wij voelen elkaar aan, soms zeggen we op hetzelfde moment hetzelfde woord. En het is nu gebleken dat waar de een heengaat, de ander naadloos aansluit.

Dus lezers die straks gaan zoeken in welk deel van het verhaal de invloed van de ene schrijfster of de andere het sterkst is, zullen daar een flinke kluif aan hebben. Wij zijn Johanna Lime, een entiteit met synergie.

De badges die we tot nu toe hebben behaald. (We houden van badges verzamelen!)

nano-20161117-writing-badges

Op dag 11 haalden we de 25.000 woorden badge. Verder bleef het op dit vlak heel rustig.

Wel hebben we veel meer koffie moeten kopen dan in andere weken.

De woordenaantallen zoals ingevoerd voor NaNoWriMo 2016 tot en met 17 november.

nano-20161117-wordcounts

NaNoWriMo is vooral een stimulans om ervoor te gaan zitten en schrijfkilometers te maken. Met iedere kilometer komen we dichterbij de afronding van een nieuw manuscript waar een mooi boek van gemaakt kan worden. En daar doen we het voor.

Uiteindelijk willen we natuurlijk dat ons boek gelezen wordt.

Johanna Lime doet in november mee aan NaNoWriMo

Uitslag van de Harland Awards en de Fantastels Verhalenwedstrijd 2015

Geplaatst 10 april 2016

LOGO_PHP2015_verhalen

April begon als een drukke maand voor wat betreft de schrijfwedstrijden waar wij in 2015 verhalen voor hebben ingezonden. Op 2 april werd het Gala van het fantastische boek voor de Harland Awards gehouden in de hoofdstad van ons land. Er was een middagprogramma met verschillende activiteiten en er was weer een Gala-avond waar de winnaars van de prijzen bekend gemaakt zouden worden.

Nu hadden we vorig jaar al moeite gehad om de auto te kunnen parkeren in ’s Hertogenbosch. Dus wij dachten erover om dit jaar maar met de trein te gaan, wetende dat parkeergarages in Amsterdam vreselijk duur zijn. Vijf jaar geleden betaalden we voor een dagje cursus in Amsterdam alleen al voor het parkeren vierenveertig euro. Dus nu besloten we dat we met de trein zouden gaan.

We kochten de kaartjes voor het avondprogramma en voor het middagprogramma en de OV kaarten werden opgewaardeerd. We stonden op zaterdag klaar om te vertrekken, maar toen kregen we koudwatervrees. Bovendien moeten we in alle eerlijkheid zeggen dat het lopen niet meer zo goed gaat als vroeger. We geven het eerlijk toe: wij zagen het niet langer zitten om een kwartier te moeten lopen naar een station, tweeënhalf uur te reizen met treinen, twintig minuten te moeten lopen naar de Rode Hoed en daar dan verloren tussen de massa door te brengen. Wij zijn niet van die mensen die spontaan op iedereen afstappen om een gesprek aan te gaan, wij staan vaak van een afstandje (als dat er is) toe te kijken. Bovendien was er geen maaltijd georganiseerd dus tussendoor zouden we nog eens op zoek moeten naar een eetgelegenheid in een drukke stad en vervolgens na afloop, laat in de avond in omgekeerde volgorde de reis moeten maken. Het zou ver na middernacht geworden zijn.

Bovendien bleek achteraf dat bekenden nauwelijks met elkaar in contact konden komen vanwege de drukte en zij daarom ook al niet met collega-schrijvers hebben gesproken. De uitslag werd op de website gezet en onze verhalen hadden het alweer niet gehaald door de voorselectie, terwijl wij juist vinden dat we deze keer heel goede verhalen ingestuurd hebben. De reden hiervoor is nog steeds onduidelijk, want de juryrapporten blijven tot nu toe nog uit. Inmiddels zijn we cynisch geworden over deze wedstrijd. Het is heel leuk dat er nu ook een romanwedstrijd bij is gekomen waarbij J. Sharpe, een collega van Zilverspoor, genomineerd was, samen met onze uitgever Jos Weijmer, die er helaas nooit meer bij zal kunnen zijn. Wat dat betreft spijt het ons dat we niet bij het Gala waren. We feliciteren Auke Hulst met het winnen van de romanprijs, met zijn boek “Slaap zacht, Johnny Idaho”. Verder feliciteren we de drie dames die op de hoogste plaatsen kwamen van de korte verhalenwedstrijd, vooral Lisette Jonkman die eerste werd.

Wij stonden op plaats 134 van 200 verhalen, maar wel samen met drieëndertig andere verhalen, ex aequo. Onder ons stond een cluster verhalen van anderen op de laatste plaats, boven ons stond 67% van de andere inzenders.

Of dit nu betekent dat wij zulke slechte schrijvers zijn? Nee, gelukkig putten we moed uit een uitspraak die we hoorden bij het volgen van een nieuwe schrijfcursus: De verhalen die wij schrijven zouden nooit door een ander zo geschreven kunnen worden en dus zijn ze uniek.

We hopen dat we uit het juryrapport kunnen ontdekken wat er beter zou kunnen, waardoor de twee verhalen op een hoger plan gebracht kunnen worden. Maar onze ervaring van vorig jaar met een juryrapport uit de voorselectie, waarin alleen maar in algemene termen zaken werden aangehaald die wij al wisten, doet ons vermoeden dat het dit jaar niet veel beter zal zijn.

Afijn, we zullen het zien als we uiteindelijk het juryrapport ontvangen. Of we dit jaar weer meedoen? We krijgen nu het gevoel dat we maar beter kunnen uitwijken naar andere wedstrijden.

Fantastels

Voor de Fantastels Verhalenwedstrijd op 9 april, de zaterdag erna dus, werd de bijeenkomst gehouden in het Amicitia Partycentrum in Lekkerkerk. Daar konden we in drie kwartier met de auto zijn, parkeren was gratis en na afloop konden we meedoen aan een buffetmaaltijd.

Geen gedoe met lange jurken en make-up, gewoon jezelf zijn en omdat we de juryleden en deelnemers langzamerhand steeds beter leren kennen en het niet te massaal was, konden we ervan genieten.

Hoewel we de verhalen die naar Fantastels waren gestuurd in 2015 minder goed vonden dan de twee die bij de Harland Awards terecht kwamen, bleek dat we hier toch niet helemaal onderaan in de rangorde eindigden. Onze verhalen bereikten de plaatsen 89, 70 en 44 van 107 verhalen. We bleven in de eerste ronde steken, maar dat was wat we al hadden verwacht. Vorig jaar waren we zo druk bezig met onze redactie van “Schimmenschuw” dat we alleen oktober maar hadden om deze drie verhalen af te krijgen. We konden ze ook niet even opzij leggen om ze later weer ter hand te nemen en te verbeteren voordat ze naar de wedstrijd gingen.

Het fijne bij Fantastels is, dat de hele rangorde van eindplaats naar winnaar helemaal wordt besproken. Er is tussendoor leerzaam commentaar van juryleden en de sfeer is ontspannen, hoewel natuurlijk de winnaar het langst in de zenuwen zit. Deze keer heeft Ben Adriaanse gewonnen met zijn verhaal “De aardappelen van Clingemans & Co”. Hij dacht op een gegeven moment dat ze hem vergeten waren, maar hij was nu juist de ster van de dag.

Tussendoor kregen we informatie over verschillende mogelijkheden om onze korte verhalen te kunnen publiceren. Er was een koffiepauze waarin we een babbeltje kon maken met andere schrijvers en met uitgevers, voordat de verhalen van ronde twee en drie werden besproken. Alle juryleden hielden een speech over een van de beste verhalen die in de laatste ronde zaten. Ze vonden dat die twaalf maar er weinig van het winnende verhaal verschilden, er hadden wel twaalf winnaars kunnen zijn.

Na afloop deden wij mee aan het buffet. Dat leverde interessante gesprekken op met bekenden en met de juryleden. We gingen er met een goed gevoel vandaan en zijn door het juryrapport van onze verhalen, dat we direct na afloop uit handen van de organisator ontvingen, gesterkt om met het commentaar dat daarin is verwerkt onze verhalen te gaan verbeteren. Commentaar overigens, dat opbouwend is en ook de goede dingen uit onze verhalen aangeeft. We kunnen zien welke zinnen we zeker moeten laten staan en waar nog dieper op emoties ingegaan kan worden, waar de foutjes zitten die we kunnen verbeteren en waar we nog iets aan het verhaal moeten veranderen of toevoegen. En dat is nou juist het fijne van een verhalenwedstrijd als Fantastels: zij helpen schrijvers om beter te gaan schrijven.

2016 Fantastels 3

Een paar leuke opmerkingen uit het juryrapport:

‘Je laat een spoor van kruimeltjes achter voor de oplettende lezer.’

‘Je alinea-indeling is prima, daarbij gaan veel auteurs de fout in.’

‘Je schrijft beeldend [prachtige spinnenwebben die een zilverkleurige glans vertoonden]’

‘Hou absoluut vast: je geëmancipeerde hoofdpersonage’

‘Je taalvaardigheid en schrijfstijl zijn uitstekend.’

En uit een gesprek met een jurylid:

‘Jullie hebben zo’n breed scala van onderwerpen.’

 

Uiteindelijk zullen we alle vijf de verhalen weer oppakken om ze te herschrijven. Als we er erg tevreden over zijn, komen ze als kortverhaal of misschien zelfs als bundel met een paar korte verhalen op Smashwords uit als e-book. Want onze verhalen zijn het waard om te lezen.

Meedoen aan een wedstrijd is goed. Bij de ene voelen we ons meer op ons gemak dan bij de andere, maar we winnen er altijd bij, want we hebben die verhalen toch maar geschreven, wat we anders misschien niet zouden doen.

Bedankt, organisatoren en juryleden van de fantastische verhalenwedstrijden!

 

Het koude zweet breekt uit, we trillen als rietjes, het wachten duurt lang.

Zweten en rietjes

19 februari 2016

De belangrijkste verhalenwedstrijden uit het fantastische genre (en dan hebben we het hier alleen over de wedstrijden waaraan wij hebben meegedaan in 2015), de Harland Awards en de Fantastels Verhalenwedstrijd, laten na lange tijd wachten eindelijk weer iets van zich horen.

Twee juryleden van de Fantastels Verhalenwedstrijd melden ons via Facebook dat de derde juryronde begint, dat is de eindronde waarin de winnaar eruit moet komen rollen. Cocky van Dijk meldde in een berichtje dat ze na gezellige kerstdagen weer druk bezig was met jureren voor de Harland Awards. Om zo maar een paar juryleden te noemen die ballonnetjes oplaten voor de wachtende auteurs, zodat wij weten dat er druk aan het jureren van onze verhalen gewerkt wordt.

Roselynd Randolph zal de komende weken weinig tijd hebben om eten te koken, zo schrijft ze op het smoelenboek, want ze zit in de derde ronde van het jureerproces in onze verhalen verstrikt. Wij krijgen subiet medelijden met haar, omdat ze nu de afhaalchinees moet aanspreken.

Kelly van de Laan schrijft in een blog op haar website Kristal en explosies: “Het is heel bijzonder om eens aan de andere kant van de tafel te zitten en de binnenkomende verhalen te beoordelen, in plaats van de verhalen te schrijven waarmee je hoopt te winnen.” En zij kan dat weten, want ze heeft al een keer gewonnen. Ze vertelt ook dat ze de rapporten voor de tweede juryronde heeft ingestuurd en uitkijkt uit naar de finaleronde. Daar is ze nu aan bezig.

Cocky van Dijk schrijft dat ze het jureren van de Harland Awards absoluut geen straf vindt. Ze heeft goede vondsten ontdekt en er zijn al vele pareltjes voorbij gekomen. De verhalen waren grappig en soms dramatisch. Er kwam van alles voorbij uit genres en subgenres. Haar persoonlijke favoriet heeft concurrentie gekregen van een ander verhaal.

De juryleden schrijven erover dat ze allemaal een soort beoordelingssysteem hebben met categorieën en een aantal punten dat ze te verdelen hebben. Ze lezen de verhalen en zien de titels, maar weten niet wie ze geschreven hebben. Om daar achter te komen is voor hen even spannend als voor ons, schrijvers. Pas op de dag van de prijsuitreiking zal alles onthuld worden. Voor de Harland Awards weten we de datum al, er staat veel leuks op het programma. Fantastels zal binnenkort ook wel een datum laten weten. Leuk, dan kunnen we ook weer andere schrijvers ontmoeten!

Wij lezen de berichten op Facebook met veel belangstelling, want het gaat tenslotte over de wedstrijden waaraan wij hebben deelgenomen. Maar terwijl we lezen wat er aan informatie loskomt, breekt het zweet ons uit of beginnen we te trillen als rietjes van de spanning.

We steken heel vreemd in elkaar. Nergens in die berichten wordt immers verklapt welk verhaal het aansprekende soort proza bezit dat het jurylid kon charmeren, nergens wordt gerept over de titel van de pareltjes die worden gevonden of in welk specifiek verhaal het hoge humorgehalte zat. Nergens wordt te kennen gegeven bij welke titel het een dramatisch verhaal was. Maar het gekke is: wij denken altijd weer bij die berichten, dat het over onze inzendingen gaat! Idioot natuurlijk, met meer dan honderd of tweehonderd inzendingen per wedstrijd, hebben we maar een schijntje kans dat we in de top tien terecht zullen komen.

De verhalen die wij schrijven halen zelden de tweede ronde, laat staan de derde. Ze komen meestal niet eens door de voorselectie heen. Wij schrijven niet van die verhalen die iedereen doet huiveren van dramatische spanning of die men in het algemeen zo boven de rest uit vindt steken. We kunnen maar beter bescheiden blijven en de realiteit onder ogen zien: we zijn er nog lang niet als schrijvers, anderen hebben al veel meer ervaring. Het zal wel weer een flinke desillusie opleveren, juist omdat wij die gekke verwachtingen maar moeilijk de kop in kunnen drukken. “Het gaat vast over ons verhaal,” zo wakkeren we het vuurtje ook nog aan. “Bij ons zat er flink wat humor in. Het was vast zo’n een pareltje, want het idee was goed, dat waren we het toch met elkaar over eens?”Ja, we staan vierkant achter onze verhalen.

De ervaring van de afgelopen jaren leert, dat we onze verhalen, voorzien van de nodige kritische kanttekeningen, ook wel weer terug zullen krijgen. Met sommige kritiek kunnen we gewoon niks, maar met andere gaan we al snel daarna aan de slag. De verhalen worden nog wel een keer of drie of vier herschreven voordat we vinden dat het echt goed door de beugel kan. En dan zullen we ook wel weer een manier vinden om ze te publiceren. Tenslotte blijkt dat ons “Pacifistenbloed”, een verhaal dat ergens laag op de ranglijst stond bij de Fantasy strijd Brugge, met één mooie zin erin volgens het juryrapport, nu al meer dan 92 keer gedownload is van Smashwords. Vast niet omdat lezers het zo lelijk vinden, maar misschien wel omdat het over een vampier gaat. We beginnen ons al af te vragen waarom lugubere verhalen beter verkopen dan de andere verhalen van ons die veel vrolijker aflopen.

Wie er ook zal winnen bij de wedstrijden, wij wachten in spanning af en zweten nog wel even door. Aan de berichtjes merken we dat de tijd van onthullingen er weer aan zit te komen. Nog een paar weken afwachten en dan zullen we onze collega’s weer ontmoeten, bij een prijsuitreiking. En dan gaat het niet alleen maar over wie er heeft gewonnen. Het fantastische genre begint terrein te winnen. En dat is heel goed nieuws, niet alleen voor schrijvers, maar ook voor lezers, vooral nu in het jaar van het boek. We kijken naar de juryrapporten uit, als we die in handen hebben kunnen we weer verder schaven, sleutelen en vervolmaken. We hebben meegedaan en dat is op zich al een hele prestatie. De toekomst zal het leren of we ooit nog eens een prijs in de wacht kunnen slepen. Maar deze vijf door ons ingestuurde verhalen zijn er al – achter de schermen, anoniem. En straks als nieuwe publicaties. Nee, de titels mogen we niet verklappen!